Thuis in Bangkok

Voor veel rugzaktoeristen die door Zuidoost-Azië gaan reizen, is Bangkok het startpunt. Ze komen meestal terecht op Khao San Road, het backpackersdistrict van de Thaise hoofdstad. Heel leuk schijnt het daar niet te zijn. Schijnt, want ik ben er nog nooit geweest.

De eerste keer dat ik in Bangkok verbleef, was voor mijn eindexamen, in 2001. Alle leerlingen van de Franse scholen in Vietnam, Laos en Cambodja moeten voor hun baccalauréat naar Bangkok, omdat de Franse scholen in die landen te klein zijn om als eindexamencentrum te dienen. Voor mij had de gevreesde examenweek dus veel weg van een schoolreisje, al moest er tussen het kletsen door wel gepresteerd worden natuurlijk.

Met mijn klasgenoten logeerde ik een prima hotel in een keurige wijk, waar we na de examens konden ontspannen in de jacuzzi op het dak. Ik deelde de kamer met mijn beste vriendin, dus van last minute leren kwam niet veel terecht. Gelukkig bleek dat ook niet nodig, we zijn beiden geslaagd. Tussen de examens door liepen we de talloze shopping malls af die Bangkok rijk is. En toen we alle mondelinge en schriftelijke toetsen hadden afgelegd, restte ons niets anders dan stappen, in afwachting van de resultaten.

We gingen op pad met een meisje van het Lycée Français de Bangkok, die de stad op haar duimpje kende en ons moeiteloos naar de juiste bars voerde. Ze was dan ook niet alleen leerling, net als wij, maar dankzij haar bijzondere uiterlijk (een geslaagd Frans-Thais mengsel) en lengte, ook model. Daardoor was ze – in ieder geval in onze puberogen – überhip. En kende ze dito plekken.

De tweede keer dat ik meer van Bangkok zag dan het vliegveld tijdens een stop-over, was deze. Na ons motor-avontuur hadden we nog een paar dagen in de Thaise hoofdstad gepland, van waaruit we zouden terugvliegen naar Amsterdam.

Wederom hoefde ik niet naar Khao San Road, want we konden bij de leuke fotograaf in spe logeren die we hadden ontmoet in Tat Lo. Zijn vriendin werkt in Bangkok als lerares Engels bij het British Council, zelf probeert hij carrière te maken als reisfotograaf. Ze wonen in een condo, een kleine flat in een hoge toren. De appartementen, zoals in de meeste ‘residences’, worden ingericht verhuurd, en zien er dus allemaal hetzelfde uit. Keurig met IKEA-meubilair. Maar dan wel met een grote sportzaal en openlucht zwembad op het dak, met uitzicht op de stad. Niet verkeerd voor een gratis logeeradres.

Het tweede voordeel van logeren bij een expat was dat we – zoals ik eerder had mogen meemaken met het model – de stad op een andere manier leerden kennen dan de meeste toeristen. Niet aan de hand van de Lonely Planet, maar in de voetsporen van onze gastheer. We voelden ons dan ook snel thuis in wat anders voor ons misschien een kille metropool was gebleven.

Verkeer in Bangkok

Futuristisch onterwep in het centrum

Uitzicht vanaf het dakterras

Chinatown maakt zich op voor het nieuwe jaar

Lampionnen voor het Chinees nieuwjaar

Advertenties
Geplaatst in Cultuur, Uitgaansleven, Uncategorized | 1 reactie

Sightseeing in Vientiane

Hoewel we het in Vientiane vooral druk hadden met het ophangen van briefjes om onze motor te verkopen, hadden we tussendoor gelukkig ook tijd om de highlights van de stad te bezoeken.

Vientiane is naar mijn gevoel niet veel veranderd. Het is nog steeds een klein provinciestadje. Al zijn er wel veel meer auto’s bijgekomen. Verhoudingsgewijs lijken er zelfs meer auto’s dan in Hanoi te zijn, waar de brommer nog alomtegenwoordig is. Maar dat kan niet kloppen. Hanoi heeft 6,5 miljoen inwoners, Vientiane slechts 400.000.

Om de stad meer allure te geven, zijn in de jaren sinds mijn laatste bezoek in 2001 grootschalige projecten ondernomen. Zo is rondom de Patuxai – een kopie van de Parijse Arc de Triomphe in het centrum van Vientiane, maar dan met orientaalse accenten – een heus park aangelegd, met fontein en al. Ik moet zeggen: het ziet er mooi uit. Het monument komt zo beter tot zijn recht. Eerst zat het namelijk ingeklemd tussen de grote wegen van de stad die bij de Patuxai bij elkaar komen.

Minder geslaagd is de boulevard die langs de Mekong is aangelegd. Daarbij is ieder gevoel voor proportie verloren. Het resultaat: de Mekong is niet meer te zien. Vroeger was de oever van de rivier bezaaid met stalletjes waar je voor de lekkerste fruitshakes terechtkon, of voor een lekkere lap (rundvleessalade) met sticky rice. Na werktijd, om een uur of zes, was het er altijd gezellig druk.

Met de aanleg van de boulevard zijn de restaurantjes hun plekje kwijtgeraakt. Ze zijn of helemaal verdwenen, of zoveel kilometer opgeschoven dat het op hetzelfde neerkomt. Want reken maar dat het een stuk duurder is om een pand te huren langs die boulevard. Daar zitten nu helemaal geen leuke tentjes meer. En bovendien zit je dan nog steeds heel ver van de rivier af. Geen verbetering dus.

Een galerie Boeddha’s bij Wat Si Saket, de oudste tempel van Vientiane

Bij Wat Si Saket

Deze tempel ligt tegenover Wat Si Saket

Uitzicht vanaf de Patuxai

Buiten de stad, langs de Mekong, ligt het Boeddha Park, een collectie betonnen sculpturen.

De gigantische liggende Boeddha, in het Boeddha Park

De That Luang, het belangrijkste nationaal monument in Laos

Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie